ADR Digitaal

Deel 7 - Hoofdstuk 7.2

VOORSCHRIFTEN INZAKE HET VERVOER IN COLLI

 

7.2.1

Tenzij anders bepaald in 7.2.2 t/m 7.2.4 mogen colli worden geladen

  1. in gesloten voertuigen of in gesloten containers; of
  2. in met dekzeil uitgeruste voertuigen of in met dekzeil uitgeruste containers; of
  3. in open voertuigen of in open containers.

 

7.2.2

Colli bestaande uit verpakkingen die van vochtgevoelige materialen zijn gemaakt, moeten worden geladen in gesloten of met dekzeil uitgeruste voertuigen of in gesloten of met dekzeil uitgeruste containers.

 

7.2.3

Gereserveerd

7.2.4

Indien zij onder een positie in kolom (16) van tabel A in hoofdstuk 3.2 zijn aangegeven, zijn de volgende bijzondere bepalingen van toepassing:

 

V-01

Colli moeten worden geladen in gesloten of met dekzeil uitgeruste voertuigen of in gesloten of met dekzeil uitgeruste containers.

V-02

  1. Colli mogen alleen worden geladen in EX/II- of EX/III-voertuigen die aan de desbetreffende voorschriften van deel 9 voldoen.

    De keuze van het voertuig hangt af van de te vervoeren hoeveelheid, die per transporteenheid overeenkomstig de voorschriften inzake belading is beperkt (zie 7.5.5.2).

    Indien een transporteenheid bestaat uit een EX/II-voertuig en een EX/III-voertuig waarin ontplofbare stoffen en voorwerpen worden vervoerd, geldt de hoeveelheidsbeperking van 7.5.5.2.1 die op een EX/II-transporteenheid van toepassing is, voor de gehele transporteenheid.

  2. Aanhangwagens, uitgezonderd opleggers, die aan de voor EX/II- of EX/III-voertuigen vereiste voorschriften voldoen, mogen worden getrokken door motorvoertuigen die niet aan die voorschriften voldoen.

    Voor vervoer in containers, zie ook 7.1.3 t/m 7.1.6.

    Indien stoffen of voorwerpen van klasse 1 in hoeveelheden die een transporteenheid bestaande uit (een) EX/III-voertuig(en) vereisen, worden vervoerd in containers van of naar havens, spoorwegstations of vliegvelden van aankomst of vertrek als onderdeel van multimodaal vervoer, mag in plaats daarvan een transporteenheid bestaande uit (een) EX/II-voertuig(en) worden gebruikt, onder voorwaarde dat de vervoerde containers voldoen aan de geldende eisen van de IMDG Code, het RID of de Technische Instructies van de ICAO.

V-03

Voor fluïdiseerbare poedervormige stoffen en voor vuurwerk moet de vloer van een container een niet-metalen oppervlak of afdekking hebben.

V-04

Gereserveerd

V-05

Colli mogen niet in kleine containers worden vervoerd.

V-06

Gereserveerd

V-07

Gereserveerd

V-08

Zie 7.1.7.

Opmerking: Deze bepaling V8 is niet van toepassing op stoffen waarnaar in 3.1.2.6 verwezen wordt indien stoffen zodanig door toevoeging van chemische inhibitoren gestabiliseerd zijn dat de SADT hoger is dan 50 oC. In dit geval kan temperatuurbeheersing vereist zijn onder vervoersomstandigheden waarin de temperatuur de 55 oC kan overschrijden.

V-09

Gereserveerd

V-10

IBC’s moeten in gesloten of met dekzeil uitgeruste voertuigen of in gesloten of met dekzeil uitgeruste containers vervoerd worden.

V-11

De IBC’s, met uitzondering van IBC’s van metaal of stijve kunststof, moeten in gesloten of met dekzeil uitgeruste voertuigen of in gesloten of met dekzeil uitgeruste containers vervoerd worden.

V-12

IBC’s van type 31HZ2 (31HA2, 31HB2, 31HN2, 31HD2 en 31HH2) moeten in gesloten voertuigen of gesloten containers vervoerd worden.

V-13

De stof moet, indien verpakt in zakken van type 5H1, 5L1 of 5M1, in gesloten voertuigen of gesloten containers vervoerd worden.

V-14

Spuitbussen die voor doeleinden van verwerking of verwijdering worden vervoerd onder de voorwaarden van bijzondere bepaling 327 van hoofdstuk 3.3 mogen uitsluitend worden vervoerd in geventileerde of open voertuigen of containers.

GEVSTOF LOGO NEW

OVER   

Over Gevaarlijkestoffen.NET

Telefoon : +31 (0)850 470486

Mobiel : +31 (0)6 46855372
KvK Rotterdam : 24491885

BLIJF OP DE HOOGTE  
En schrijf je in voor onze nieuwsbrief