ADR Digitaal

Deel 1 - Hoofdstuk 1.2
Definities en maateenheden

 

 A B C D E F G H I J K L M N O P R S T U V W Z

1.2.1

Definities

Opmerking: In deze sectie zijn alle algemene en bijzondere definities opgenomen.
In het ADR wordt verstaan onder:

A

Aanvrager:
in het geval van conformiteitsbeoordeling, de fabrikant of zijn gemachtigde vertegenwoordiger in een land dat Overeenkomstsluitende Partij is.

In het geval van periodieke beproevingen, tussentijdse beproevingen en buitengewone onderzoeken betekent aanvrager het beproevingsinstituut, de exploitant of hun gemachtigde vertegenwoordiger in een land dat Overeenkomstsluitende Partij is;

Opmerking: Bij uitzondering mag een derde partij (bijvoorbeeld een exploitant van een tankcontainer in overeenstemming met de definitie in 1.2.1) de conformiteitsbeoordeling aanvragen.

ADN
:
Europese overeenkomst betreffende het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren;

Aërosol
:
zie Spuitbus

Afneembare tank:
een tank - niet zijnde een vaste tank, een transporttank, een tankcontainer of een element van een batterijwagen of een MEGC - met een capaciteit groter dan 450 liter, die is ontworpen voor het vervoer van stoffen om tussentijds opnieuw te vullen en die gewoonlijk slechts kan worden behandeld indien de tank leeg is;

Afvalstoffen:
stoffen, oplossingen, mengsels of voorwerpen, die niet bestemd zijn voor direct gebruik, maar die worden vervoerd om te worden opgewerkt, gestort of vernietigd door middel van verbranding of andere verwerkingsmethoden;

Afzender:
de onderneming die voor zichzelf of voor derden gevaarlijke goederen verzendt. Indien het vervoer plaats vindt op grond van een vervoersovereenkomst, dan geldt als afzender de afzender volgens deze overeenkomst;

ASTM:
de American Society tor Testing and Materials (Amerikaans Genootschap voor Beproevingen en Materialen) (ASTM International, 100 Barr Harbor Drive, PO Box C700, West Conshohocken, PA, 19428-2959, Verenigde Staten van Amerika);


B

Batterijwagen:
een voertuig dat uit elementen bestaat, die door een verzamelleiding met elkaar zijn verbonden en die duurzaam op dit voertuig zijn bevestigd.
Als elementen van een batterijwagen worden beschouwd: flessen, grote cilinders, drukvaten en flessenbatterijen, alsmede tanks voor gassen zoals gedefinieerd in 2.2.2.1.1 met een inhoud van meer dan 450 liter;

Bedrijfsdruk:
de evenwichtsdruk van een samengeperst gas bij een referentietemperatuur van 15 °C in een gevulde drukhouder;
Opmerking: Voor tanks, zie “Hoogste bedrijfsdruk”.

Bedrijfsuitrusting:

  1. van een tank: de laad- en losinrichtingen, de ontluchtings-, de veiligheids- en de verwarmingsinrichtingen, de warmtewerende of warmte-isolerende bescherming, de inrichtingen voor additieven alsmede de meetinstrumenten;
  2. van de elementen van een batterijwagen of MEGC: de laad- en losinrichtingen, de verzamelleiding inbegrepen, de veiligheidsinrichtingen, alsmede de meetinstrumenten;
  3. van een IBC: de laad- en losinrichtingen en de eventuele drukontlastings-, veiligheids- en verwarmingsinrichtingen, de warmte-isolerende bescherming en de meetinstrumenten;

Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Beheersysteem:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: een reeks onderling gerelateerde of op elkaar inwerkende elementen (systeem) voor het vaststellen van beleidsvoorschriften en doelstellingen en het verwezenlijken van die doelstellingen op efficiënte en doelmatige wijze;

Belader:
elke onderneming die:

  1. verpakte gevaarlijke goederen, kleine containers of transporttanks laadt in of op een voertuig of een container; of
  2. een container, bulkcontainer, MEGC, tankcontainer of transporttank op een voertuig laadt;

Beproevingsdruk:
de druk, die bij het onder druk beproeven voor de eerste maal en bij periodieke beproevingen moet worden gebruikt. [Zie ook Berekeningsdruk, Hoogste bedrijfsdruk (overdruk), Losdruk en Vuldruk];

Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Berekeningsdruk:
een fictieve druk, ten minste gelijk aan de beproevingsdruk, die, al naar gelang van de graad van het gevaar, dat de vervoerde stof oplevert, de bedrijfsdruk meer of minder kan overschrijden. De berekeningsdruk dient slechts ter bepaling van de wanddikte van het reservoir, onafhankelijk van alle versterkende voorzieningen aan de buitenzijde of de binnenzijde van het reservoir [Zie ook Beproevingsdruk, Hoogste bedrijfsdruk (overdruk), Losdruk en Vuldruk];

Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Bergingsdrukhouder:
een drukhouder met een waterinhoud van maximaal 3000 liter waarin beschadigde, defecte, lekkende of niet voorschriftconforme drukhouders worden geplaatst met het doel deze te vervoeren voor bijv. terugwinning of vernietiging;

Bergingsverpakking:
een speciale verpakking waarin beschadigde, defecte, lekkende of niet voorschriftconforme colli met gevaarlijke goederen of gevaarlijke goederen die gemorst of vrijgekomen zijn, worden geplaatst met het doel deze te vervoeren voor terugwinning of vernietiging;

Bergingsverpakking, grote:
een speciale verpakking die

  1. is ontworpen voor mechanische behandeling; en
  2. waarvan de netto massa groter dan 400 kg of de inhoud groter dan 450 liter is maar waarvan het volume niet groter is dan 3 m3;
    waarin beschadigde, defecte, lekkende of niet voorschriftconforme colli met gevaarlijke goederen of gevaarlijke goederen die gemorst of vrijgekomen zijn, worden geplaatst met als doel deze te vervoeren voor terugwinning of vernietiging;

Beschermde IBC (voor metalen IBC's):
een IBC, voorzien van een extra bescherming tegen stoten, waarbij deze beschermende voorziening bijvoorbeeld kan bestaan uit een meerlagige wand ("sandwich") of een dubbelwandige constructie, of uit een omhullend raamwerk met metalen tralies;

Beschermende bekleding:
(voor tanks) een bekleding of coating ter bescherming van het metaal van de tank tegen de te vervoeren stoffen.
Opmerking: Deze definitie is niet van toepassing op een bekleding of coating die uitsluitend wordt gebruikt om de te vervoeren stof te beschermen.

Bevoegde autoriteit:
de autoriteit(en) of andere instantie(s), die in de verschillende staten in elk speciaal geval overeenkomstig nationaal recht als zodanig is (zijn) aangewezen;

Binnenhouder:
een houder die moet zijn voorzien van een buitenverpakking om zijn functie van omsluiten/vasthouden te vervullen;

Binnenverpakking:
een verpakking die voor het vervoer moet zijn voorzien van een buitenverpakking;

Binnenzak ("liner"):
een afzonderlijke omhulling of zak, die in een verpakking, inclusief grote verpakking of IBC, geplaatst wordt, maar daarvan geen integraal deel uitmaakt, met inbegrip van de sluitingen van de openingen;

Borghouder:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: het samenstel van onderdelen van de verpakking die volgens de specificatie van de ontwerper bestemd zijn om vrijkomen van de radioactieve stoffen tijdens het vervoer te verhinderen;

Brandbare bestanddelen (voor spuitbussen):
brandbare vloeistoffen, brandbare vaste stoffen of de in het Handboek beproevingen en criteria, deel III, subsectie 31.1.3, Opmerking 1 tot en met 3 gedefinieerde brandbare gassen of gasmengsels. Onder deze aanduiding vallen pyrofore, voor zelfverhitting vatbare of met water reagerende stoffen niet. De chemische verbrandingswarmte moet door middel van een van de volgende methoden worden vastgesteld: ASTM D 240, ISO/FDIS 13943:1999 (E/F) 86.1 tot en met 86.3 of NFPA 30B;

Brandstofcel:
een elektrochemisch instrument dat de chemische energie van een brandstof omzet in elektrische energie, warmte en reactieproducten;

Buitenverpakking:
buitenbescherming van een combinatieverpakking of van een samengestelde verpakking met inbegrip van absorberende materialen, materialen voor het opvullen en alle andere elementen die noodzakelijk zijn om de binnenhouders of binnenverpakkingen te bevatten en te beschermen;

Bulkcontainer:
een omhullingsysteem inclusief eventuele binnenzak of binnenbekleding, dat voor het vervoer van vaste stoffen in rechtstreeks contact met het omhullingsysteem bestemd is. Verpakkingen, IBC’s, grote verpakkingen en tanks vallen hier niet onder.
Een bulkcontainer

  • is van duurzame aard en voldoende stevig om herhaaldelijk te kunnen worden gebruikt;
  • is speciaal ontworpen om het vervoer van goederen door één of meerdere vervoermiddelen zonder tussentijdse overslag te vergemakkelijken;
  • is voorzien van inrichtingen die de behandeling vergemakkelijken;
  • heeft een inhoud van ten minste 1,0 m3.

Voorbeelden van bulkcontainers zijn containers, offshore-bulkcontainers, afvalcontainers, bakken voor losgestorte goederen, wissellaadbakken, stortbakcontainers, rolcontainers en laadcompartimenten van voertuigen;

Bulkcontainer (gesloten):
een volledig gesloten bulkcontainer met een vast dak, vaste zijwanden, vaste kopwanden en een vloer (met inbegrip van trechtervormige bodems). Het begrip omvat bulkcontainers met een beweegbaar dak of een beweegbare zijwand of kopwand voor zover het dak of de wand tijdens het vervoer gesloten is. Gesloten bulkcontainers kunnen zijn uitgerust met openingen voor het uitwisselen van dampen/gassen en lucht, mits wordt voorkomen dat onder normale vervoersomstandigheden vaste stoffen uit de container vrijkomen en dat regen- of spatwater de container binnendringt.

Bulkcontainer (met dekzeil uitgerust):
een open bulkcontainer met een vaste bodem (met inbegrip van trechtervormige bodems), vaste zijwanden en kopwanden en een niet-stijve afdekking;

Bulkcontainer (flexibel):
een flexibele container met een inhoud van ten hoogste 15 m3, binnenbekleding en aangebrachte voorzieningen voor de behandeling en bedrijfsuitrusting;

Opmerking: Deze definitie is uitsluitend van toepassing op bulkcontainers die voldoen aan de vereisten van hoofdstuk 6.11.


C

CGA:
de Compressed Gas Association (de Vereniging Samengeperst Gas) (CGA, 14501 George Carter Way, Suite 103, Chantilly VA 20151, Verenigde Staten van Amerika);

CIM:
uniforme regelen betreffende de overeenkomst van internationaal spoorwegvervoer van goederen ((Aanhangsel B bij het Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer (COTIF)), zoals gewijzigd;

CMR:
het Verdrag betreffende de overeenkomst tot Internationaal Vervoer van Goederen over de weg”. (Genève 19 mei 1956), zoals gewijzigd;

CNG:
Zie Samengeperst aardgas;

Collo:
het eindproduct van de verpakkingshandelingen, dat gereed is voor verzending, bestaande uit de verpakking, grote verpakking of IBC zelf met de inhoud ervan. De definitie omvat drukhouders voor gassen, zoals gedefinieerd in deze sectie, alsmede voorwerpen die vanwege hun omvang, massa of vorm onverpakt of op sleden, in kratten of in andere inrichtingen voor de hantering mogen worden vervoerd. Met uitzondering van het vervoer van radioactieve stoffen, is deze definitie niet van
toepassing op onverpakte goederen, die los gestort worden vervoerd en evenmin op stoffen die in tanks worden vervoerd;
Opmerking: Voor radioactieve stoffen, zie 2.2.7.2, 4.1.9.1.1 en hoofdstuk 6.4.

Combinatie-IBC met binnenhouder van kunststof:
een IBC bestaande uit een constructieve uitrusting in de vorm van een stijve uitwendige omhulling die een kunststof binnenhouder omsluit, alsmede bedrijfsuitrusting of andere constructieve uitrusting. Zij zijn zodanig geconstrueerd dat indien de uitwendige omhulling en de binnenhouder eenmaal zijn samengebouwd, deze daarna een onverbrekelijke eenheid vormen, die als zodanig wordt gevuld, opgeslagen, vervoerd en geledigd;

Opmerking: “Kunststof“ voor zover gebruikt in verband met binnenhouders van combinatie-IBC’s, omvat ook andere polymere materialen, zoals rubber.

Combinatieverpakking:
een verpakking bestaande uit een buitenverpakking en een binnenhouder die zodanig is ontworpen dat de binnenhouder en de buitenverpakking een geïntegreerde verpakking vormen. Wanneer de verpakking eenmaal is samengebouwd, vormt deze daarna een onverbrekelijke eenheid die als zodanig wordt gevuld, opgeslagen, vervoerd en geledigd;

Opmerking: De term "binnenhouder" voor combinatieverpakkingen moet niet worden verward met de term "binnenverpakking" voor samengestelde verpakkingen.

Zo is bijvoorbeeld het binnenelement van een combinatieverpakking van type 6HA1 (kunststof) een dergelijke binnenhouder, aangezien het normaliter niet is ontworpen om een functie van omsluiting te vervullen zonder de buitenverpakking en het dus niet gaat om een binnenverpakking.

Wordt er na de term "combinatieverpakking" tussen haakjes een materiaal genoemd, dan verwijst dat naar de binnenhouder.

Conformiteitsbeoordeling:
het proces van de controle van de conformiteit van een product overeenkomstig de bepalingen van de secties 1.8.6 en 1.8.7 in verband met de typegoedkeuring, het toezicht op de fabricage en het eerste onderzoek en beproeving;
Conformiteitsborging (radioactieve stoffen): een systematisch programma van maatregelen, dat door een bevoegde autoriteit toegepast wordt met het doel te garanderen dat de voorschriften van het ADR in de praktijk in acht worden genomen;

Constructieve uitrusting:

  1. van de tanks van een tankwagen of afneembare tank: de buiten of binnen het reservoir aangebrachte verstevigings-, bevestigings-, beschermings- of stabiliseringselementen;
  2. van de tanks van een tankcontainer: de buiten of binnen het reservoir aangebrachte verstevigings-, bevestigings-, beschermings- of stabiliseringselementen;
  3. van de elementen van een batterijwagen of MEGC: de buiten of binnen het reservoir of de houder aangebrachte verstevigings-, bevestigings- of beschermings- of stabiliseringselementen;
  4. van een IBC (met uitzondering van flexibele IBC's): de verstevigings-, bevestigings-, behandelings-, beschermings- of stabiliseringselementen van het verpakkingslichaam (met inbegrip van de bodempallet voor combinatie-IBC's met binnenhouder van kunststof);

Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Container:
een hulpmiddel bij het vervoer (laadkist of dergelijke constructie),

  • van permanente aard en derhalve stevig genoeg voor herhaald gebruik,
  • speciaal gebouwd om het vervoer van goederen, zonder overlading van de inhoud, door een of meer vervoerswijzen te vergemakkelijken,
  • voorzien van inrichtingen die de behandeling en de vastzetting vergemakkelijken, met name bij het overladen van het ene vervoermiddel op het andere,
  • dat zodanig ontworpen is, dat het vullen en legen wordt vergemakkelijkt;
  • dat een inwendige inhoud bezit van ten minste 1 m3 met uitzondering van containers voor het vervoer van radioactieve stoffen.

Bovendien:

Container (kleine):
een container met een inwendige inhoud van ten hoogste 3 m³;

Container (grote):

  1. een container, die niet voldoet aan de definitie van een kleine container;
  2. in de zin van de CSC: een container met een grondvlak, dat begrensd is door de vier buitenhoeken,
    1. van ten minste 14 m2 (150 sq ft), of
    2. van ten minste 7 m2 (75 sq ft), indien de container aan de bovenzijde voorzien is van hoekstukken (“corner fittings”);

Container (gesloten): een volledig gesloten container met een vast dak, vaste zijwanden, vaste kopwanden en een vloer. Het begrip omvat containers met een beweegbaar dak, voor zover het dak tijdens het vervoer gesloten is;

Container (open):
een container met open dak of een platte container

Container (met dekzeil uitgerust):
een open container die ter bescherming van de lading met een dekzeil is uitgerust;
Een wissellaadbak is een container die volgens de norm EN 283: 1991 de volgende bijzonderheden vertoont:

  • hij is wat betreft sterkte van de constructie alleen geschikt voor het vervoer met wagens of voertuigen over land of met veerboten;
  • hij is niet stapelbaar,
  • hij kan met middelen die zich aan boord van voertuigen bevinden op steunen worden geplaatst en daarvan weer worden weggenomen;

Opmerking: Onder de definitie “container” vallen noch gewone verpakkingen noch IBC’s, noch tankcontainers noch voertuigen. Niettemin mag een container worden gebruikt als een verpakking voor het vervoer van radioactieve stoffen.

Controletemperatuur:
de maximumtemperatuur waarbij het organische peroxide of de zelfontledende stof of de polymeriserende stof veilig vervoerd kan worden;

Criticaliteits-veiligheidsindex (Criticality Safety Index, CSI):
toegekend aan een collo, oververpakking of container, die splijtbare stoffen bevatten, voor het vervoer van radioactieve stoffen: een getal dat wordt gebruikt om controle te verschaffen over de totale hoeveelheid van colli, oververpakkingen of containers die splijtbare stoffen bevatten;

Cryo-houder:
een verplaatsbare drukhouder met warmte-isolerende bescherming voor sterk gekoelde vloeibaar gemaakte gassen met een waterinhoud van ten hoogste 1000 liter (zie ook “Open cryo-houder”);

CSC:
Internationale Overeenkomst voor Veilige Containers (“International Convention for Safe Containers”) (Genève, 1972) zoals gewijzigd, uitgegeven door de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) te Londen;


D

Diameter:
(voor reservoirs van tanks) de inwendige diameter van het reservoir.

Dichtheidsproef:
een beproeving, waarbij de dichtheid van een tank, verpakking of IBC alsmede de uitrusting en de afsluitinrichtingen worden beproefd;
Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Dierlijke stoffen:
dierlijke kadavers, dierlijke lichaamsdelen, voedingsmiddelen of voedermiddelen van dierlijke oorsprong;

Doos:
zie Kist;

Druk/vacuümtank (voor afvalstoffen):
een vaste tank, afneembare tank, tankcontainer of wissellaadtank, die hoofdzakelijk wordt gebruikt voor het vervoer van gevaarlijke afvalstoffen, met bijzondere constructiekenmerken en/of uitrustingsdelen om het vullen van de druk/vacuümtank met afvalstoffen en het ledigen ervan als bedoeld in hoofdstuk 6.10 te vergemakkelijken. Een tank die volledig voldoet aan de voorschriften van hoofdstuk 6.7 of 6.8 wordt niet beschouwd als drukvacuümtank;

Drukhouder:
een verzamelterm die flessen, grote cilinders, drukvaten, gesloten cryo-houders, opslagsystemen met metaalhydride, flessenbatterijen en bergingsdrukhouders omvat;

Drukvat:
een gelaste verplaatsbare drukhouder met een waterinhoud van meer dan 150 liter en niet meer dan 1.000 liter (bv. cilindervormige houders met rolbanden, bolvormige houders op sleden);


E

EG-Richtlijn:
door de bevoegde instellingen van de Europese Gemeenschap vastgelegde bepalingen, die met betrekking tot het te bereiken resultaat bindend zijn voor elke geadresseerde Lidstaat, maar waarvan de keuze van vorm en methoden wordt overgelaten aan de nationale autoriteiten;

EN(-norm):
door de Europese normcommissie (CEN, Marnixlaan 17, B-1000 Brussel) gepubliceerde Europese norm;

Evenwichtsdruk:
de druk van de inhoud van een drukhouder bij temperatuur- en diffusie-evenwicht;

Exclusief gebruik:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: het gebruik van een voertuig of grote container door één enkele afzender, waarbij alle laad-, los- en verzendhandelingen vóór, tijdens en na het vervoer overeenkomstig de aanwijzingen van de afzender of de geadresseerde worden uitgevoerd, voor zover het ADR dit vereist;

Exploitant van een tankcontainer of transporttank:
de onderneming op naam waarvan de tankcontainer of transporttank is geregistreerd;


F

Fles (cilinder):
een verplaatsbare drukhouder met een waterinhoud van niet meer dan 150 liter;

Flessenbatterij (cilinderpakket):
een verzameling van flessen die aan elkaar zijn bevestigd en onderling door een verzamelleiding zijn verbonden en die als ondeelbare eenheid wordt vervoerd. De totale waterinhoud mag niet meer bedragen dan 3.000 liter, met uitzondering van batterijen bestemd voor het vervoer van giftige gassen van klasse 2 (de groepen beginnend met de letter T overeenkomstig 2.2.2.1.3) die moeten worden beperkt tot 1.000 liter waterinhoud;

Flexibele bulkcontainer:
zie Bulkcontainer;

Flexibele IBC:
een IBC bestaande uit een verpakkingslichaam van folie, weefsel of een ander flexibel materiaal of combinaties van dit soort materialen en zo nodig een binnenbekleding of binnenzak, alsmede uit bijbehorende bedrijfsuitrusting en voorzieningen voor de behandeling;


G

Gas:
een stof die

  1. bij 50 °C een dampdruk bezit hoger dan 300 kPa (3 bar), of
  2. bij 20 °C en de standaarddruk van 101,3 kPa volledig gasvormig is;

Gascontainer met verscheidene elementen (“multiple element gas container”, MEGC):
een hulpmiddel bij het vervoer, dat bestaat uit elementen die door een verzamelleiding met elkaar zijn verbonden en die duurzaam in een raamwerk zijn gemonteerd. Als elementen van een gascontainer met verscheidene elementen worden beschouwd flessen, grote cilinders, drukvaten of flessenbatterijen, alsmede tanks met een inhoud van meer dan 450 liter voor gassen zoals gedefinieerd in 2.2.2.1.1;

Opmerking: Voor UN-MEGC's, zie hoofdstuk 6.7.

Gaspatroon:
zie Houders, klein, met gas;

Geadresseerde:
de geadresseerde volgens de vervoersovereenkomst. Indien de geadresseerde volgens de bepalingen van de vervoersovereenkomst een derde aanwijst, dan geldt deze derde als geadresseerde in de zin van het ADR. Indien het vervoer plaats vindt zonder vervoersovereenkomst, dan is de geadresseerde de onderneming die de gevaarlijke goederen bij aankomst in ontvangst neemt;

Gereconditioneerde verpakking:
een verpakking, in het bijzonder

  1. een metalen vat:
    1. dat zodanig is gereinigd dat de constructiematerialen hun oorspronkelijk uiterlijk terug hebben gekregen en alle resten van de vroegere inhoud, alsmede inwendige en uitwendige corrosie en uitwendige deklagen en etiketten zijn verwijderd;
    2. dat teruggebracht is in de oorspronkelijke vorm en oorspronkelijke gedaante, waarbij felsnaden (voor zover aanwezig) gericht en afgedicht zijn, en alle pakkingen, die geen integraal deel zijn van de verpakking, zijn vervangen; en
    3. dat na reiniging, maar vóór het opnieuw schilderen, is geïnspecteerd; verpakkingen met zichtbare gaatjes, een belangrijke vermindering van de dikte van het materiaal, vermoeiing van het metaal, beschadigde schroefdraad of sluitingen, of andere belangrijke gebreken, moeten worden afgewezen.
  2. een vat of jerrycan van kunststof:
    1. dat/die zodanig is gereinigd dat de constructiematerialen hun oorspronkelijk uiterlijk terug hebben gekregen en alle resten van de vroegere inhoud alsmede inwendige en uitwendige deklagen en etiketten zijn verwijderd;
    2. waarvan de pakkingen, die geen integraal deel zijn van de verpakking, zijn vervangen, en
    3. dat/die na reiniging is geïnspecteerd, waarbij verpakkingen met zichtbare beschadigingen zoals scheuren, vouwen of breuk, of beschadigde schroefdraad of sluitingen, of andere belangrijke gebreken, afgewezen moeten worden;

Gerecycleerde kunststof:
materiaal dat teruggewonnen wordt uit gebruikte industriële verpakkingen en dat is gereinigd en voorbereid voor de verwerking in nieuwe verpakkingen.

Gerepareerde IBC:
een metalen IBC, een IBC van stijve kunststof of een combinatie-IBC die als gevolg van stoten of door een andere oorzaak (bijv. corrosie, brosheid of andere sporen van verminderde sterkte in vergelijking met het beproefde ontwerptype) zodanig is hersteld, dat hij weer aan het beproefde ontwerptype voldoet en de beproevingen van het ontwerptype kan doorstaan. In de zin van het ADR wordt de vervanging van de stijve binnenhouder van een combinatie-IBC door een houder volgens het oorspronkelijke ontwerptype van dezelfde fabrikant als reparatie beschouwd. Routineonderhoud van stijve IBC’s wordt echter niet als reparatie beschouwd. De verpakkingslichamen van IBC’s van stijve kunststof en de binnenhouders van combinatie-IBC’s zijn niet te repareren. Flexibele IBC’s zijn niet te repareren, tenzij dit door de bevoegde autoriteit wordt toegelaten;

Gesloten bulkcontainer:
zie Bulkcontainer;

Gesloten container:
zie Container;

Gevaarlijke goederen:
stoffen en voorwerpen, waarvan het vervoer volgens het ADR is verboden of slechts onder de daarin opgenomen voorwaarden is toegestaan;

Gevaarlijke reactie:
a) een verbranding en/of een aanmerkelijke warmteontwikkeling;
b) de ontwikkeling van brandbare, verstikkende, oxiderende, en/of giftige gassen;
c) de vorming van bijtende stoffen;
d) de vorming van instabiele stoffen; of
e) een gevaarlijke drukverhoging (alleen voor tanks);

GHS (Globally Harmonized System of Classification and Labelling of Chemicals):
de zevende herziene editie van het door de Verenigde Naties middels document ST/SG/AC.10/30/Rev.7 gepubliceerde wereldwijd geharmoniseerde systeem voor de classificatie en etikettering van chemische producten;

Goedkeuring:

Multilaterale goedkeuring:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: de goedkeuring door de betrokken bevoegde autoriteit van het land van herkomst van het ontwerp of de zending, voor zover van toepassing, en door de bevoegde autoriteit van elk land waardoor of waarheen de zending moet worden vervoerd;

Unilaterale goedkeuring:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: de goedkeuring van een ontwerp die uitsluitend hoeft te worden afgegeven door de bevoegde autoriteit van het land van herkomst van het ontwerp.

Indien het land van herkomst geen Overeenkomstsluitende Partij bij het ADR is, moet de goedkeuring geldig worden verklaard door de bevoegde autoriteit van een Overeenkomstsluitende Partij bij het ADR (zie 6.4.22.8);

Grootste inhoud:
grootste binnenvolume van houders of verpakkingen, met inbegrip van grote verpakkingen en IBC‘s, uitgedrukt in m³ of liters;

Grootste netto massa:
de grootste netto massa van de inhoud van een enkele verpakking of de grootste gezamenlijke massa van de binnen- verpakkingen en hun inhoud, uitgedrukt in kg;

Grootste toelaatbare bruto massa:

  1. (voor IBC's): de som van de massa van de IBC en de totale bedrijfs- of constructieve uitrusting en de grootste netto massa;
  2. (voor tanks): de som van de eigen massa van de tank en de hoogste voor het vervoer toegelaten massa van de lading;
    Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Grote cilinder ("tube") (klasse 2):
een verplaatsbare drukhouder van naadloze of samengestelde constructie en een waterinhoud van meer dan 150 liter en niet meer dan 3.000 liter;

Grote container:
zie Container;

Grote verpakking:
een verpakking die bestaat uit een buitenverpakking die voorwerpen of binnenverpakkingen bevat en die:

  1. ontworpen is voor behandeling met mechanische hulpmiddelen en
  2. een netto massa van meer dan 400 kg of een inhoud van meer dan 450 liter, maar een inhoud van ten hoogste 3,0 m3 heeft;

H

Handboek beproevingen en criteria:
de zesde herziene editie van de "Recommendations on the Transport of Dangerous Goods, Manual of Tests and Criteria", gepubliceerd door de Verenigde Naties (ST/SG/AC.10/11/Rev.5 zoals gewijzigd bij de documenten ST/SG/AC.10/11/Rev.6 en wijziging 1);

Hergebruikte grote verpakking:
een grote verpakking die opnieuw moet worden gevuld en die is onderzocht en vrij is bevonden van gebreken, die het vermogen beïnvloeden om de prestatiebeproevingen te doorstaan; deze definitie omvat die grote verpakkingen die opnieuw worden gevuld met dezelfde of gelijksoortige verenigbare inhoud en die worden vervoerd binnen distributieketens onder controle van de afzender van het product;

Hergebruikte verpakking:
een verpakking, die na onderzoek vrij is bevonden van gebreken, die het vermogen om de prestatiebeproevingen te doorstaan verminderen; onder deze definitie vallen in het bijzonder verpakkingen, die opnieuw worden gevuld met dezelfde of gelijksoortige, verenigbare goederen, en die worden vervoerd binnen distributieketens onder controle van de afzender van het product;

Hermetisch gesloten tank:
een tank die

  • niet met veiligheidsventielen, breekplaten, gelijksoortige veiligheidsinrichtingen of vacuümkleppen, of
  • met veiligheidsventielen, waarvoor overeenkomstig 6.8.2.2.10 een breekplaat is aangebracht, echter niet met vacuümkleppen is uitgerust.

Een tank bestemd voor het vervoer van vloeibare stoffen met een berekeningsdruk van ten minste 4 bar of bestemd voor het vervoer van vaste (poedervormige of korrelvormige) stoffen ongeacht de berekeningsdruk, wordt ook als hermetisch gesloten beschouwd, indien deze:

  • met veiligheidsventielen, waarvoor overeenkomstig 6.8.2.2.10 een breekplaat is aangebracht, en met vacuümkleppen overeenkomstig de bepalingen van 6.8.2.2.3, is uitgerust, of
  • niet met veiligheidsventielen, breekplaten of gelijksoortige veiligheidsinrichtingen, maar met vacuümkleppen overeenkomstig de bepalingen van 6.8.2.2.3, is uitgerust.

Hoogste bedrijfsdruk (overdruk):
de hoogste van de volgende drie waarden die zich aan de bovenzijde van de tank in de bedrijfsopstelling kunnen voordoen:

  1. de hoogste effectieve druk die in de tank is toegestaan tijdens het vullen (hoogste toegestane vuldruk);
  2. de hoogste effectieve druk die in de tank is toegestaan tijdens het lossen (hoogste toegestane losdruk);
  3. de door de vervoerde stof (met inbegrip van eventueel aanwezige vreemde gassen) veroorzaakte effectieve overdruk in de tank bij de hoogste bedrijfstemperatuur.

Tenzij in hoofdstuk 4.3 anders is voorgeschreven, mag de getalswaarde van deze bedrijfsdruk (overdruk) niet lager zijn dan de dampdruk (absolute druk) van de vervoerde stof bij 50 °C.

Bij tanks, voorzien van veiligheidskleppen (met of zonder breekplaat), uitgezonderd tanks voor het vervoer van samengeperste, vloeibaar gemaakte of opgeloste gassen van klasse 2, is de hoogste bedrijfsdruk (overdruk) echter gelijk aan de voorgeschreven druk, waarbij deze veiligheidskleppen in werking komen;

(Zie ook Beproevingsdruk, Berekeningsdruk, Losdruk en Vuldruk.)

Opmerking 1: De hoogste bedrijfsdruk is niet van toepassing op tanks voor lossing door zwaartekracht overeenkomstig 6.8.2.1.14 a).

Opmerking 2: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Opmerking 3: Voor gesloten cryo-houders, zie Opmerking bij 6.2.1.3.6.5.

Hoogste normale bedrijfsdruk:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: de hoogste druk boven de atmosferische druk op gemiddeld zeeniveau die zich in de loop van één jaar binnen de borghouder zou vormen onder omstandigheden waarbij de temperatuur en zoninstraling heersen die overeenkomen met de omgevingsomstandigheden gedurende het vervoer zonder dat er druknivellering, uitwendige koeling door een hulpsysteem of controlemaatregelen plaatsvinden;

Houder:
een omhulsel, bestemd om stoffen of voorwerpen op te nemen en te bevatten met inbegrip van alle sluitingsmiddelen. Reservoirs vallen niet onder deze definitie. (Zie ook Binnenhouder, Cryo-houder, Drukhouder, Gaspatroon en Stijve binnenhouder);

Houder (voor klasse 1):
als binnen- en tussenverpakkingen gebruikte kisten of dozen, flessen, blikken, vaten, potten en tubes, met inbegrip van elke soort van afsluitinrichting;

Houder, klein, met gas (gaspatroon):
een niet hervulbare houder waarvan de waterinhoud niet meer bedraagt dan 1000 ml voor houders van metaal en niet meer dan 500 ml voor houders van kunststof of glas en die een gas of gasmengsel onder druk bevat.
Hij kan voorzien zijn van een afsluitventiel;

Houten IBC:
een IBC bestaande uit een stijf of inklapbaar houten verpakkingslichaam, voorzien van een binnenzak (maar geen binnenverpakkingen), alsmede uit de bijbehorende bedrijfsuitrusting en constructieve uitrusting;

Houten ton:
een verpakking van natuurlijk hout met cirkelvormige doorsnede met gewelfde wanden, samengesteld uit duigen en bodems en voorzien van hoepels;


I

IAEA:
International Atomic Energy Agency (Internationaal Atoomenergie Agentschap) (IAEA, Postbus 100, A-1400 Wenen)

IBC: (“Intermediate Bulk Container”):
een stijve of flexibele verpakking die niet in hoofdstuk 6.1 is genoemd en die:

  1. een inhoud heeft van
    1. ten hoogste 3,0 m3 voor vaste stoffen en vloeistoffen van de verpakkingsgroepen II en III;
    2. ten hoogste 1,5 m3 voor vaste stoffen van verpakkingsgroep I, verpakt in flexibele IBC's, IBC's van stijve kunststof, combinatie-IBC's, kartonnen IBC's of houten IBC's;
    3. ten hoogste 3,0 m3 voor vaste stoffen van verpakkingsgroep I, verpakt in metalen IBC's;
    4. ten hoogste 3,0 m3 voor radioactieve stoffen van klasse 7,
  2. ontworpen is voor behandeling met mechanische hulpmiddelen;
  3. de belastingen bij de behandeling en het vervoer kan doorstaan, zoals deze door beproevingen volgens hoofdstuk 6.5 vastgesteld.

(Zie ook Combinatie-IBC met binnenhouder van kunststof, Flexibele IBC, Gerepareerde IBC, Houten IBC, IBC van stijve kunststof, Kartonnen IBC, Metalen IBC, Omgebouwde IBC, Routineonderhoud van flexibele IBC’s en Routineonderhoud van stijve IBC’s);

Opmerking 1: Transporttanks of tankcontainers, die voldoen aan de voorschriften van hoofdstuk 6.7 of 6.8, worden niet als IBC’s beschouwd.

Opmerking 2: IBC’s, die voldoen aan de voorschriften van hoofdstuk 6.5, worden niet als containers in de zin van het ADR beschouwd.

IBC van stijve kunststof:
een IBC die bestaat uit een verpakkingslichaam van stijve kunststof, dat kan zijn voorzien van een constructieve uitrusting en uit de bijbehorende bedrijfsuitrusting;

ICAO:
de International Civil Aviation Organization (Internationale Organisatie voor de Burgerluchtvaart) (ICAO, 999 University Street, Montreal, Quebec H3C 5H7, Canada);
IMDG Code: “International Maritime Dangerous Goods Code”, uitvoeringsbepalingen voor Hoofdstuk VII, deel A van het Internationale Verdrag voor de Veiligheid van Mensenlevens op Zee van 1974 (SOLAS-verdrag), uitgegeven door de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) te London;

IMO:
de International Maritime Organization (Internationale Maritieme Organisatie) (IMO, 4 Albert Embankment, London SE1 7SR, Verenigd Koninkrijk);
Inhoud van het reservoir of compartiment van het reservoir voor tanks: het totale inwendige volume van het reservoir of het compartiment van het reservoir, uitgedrukt in liters of kubieke meters. Indien het niet mogelijk is het reservoir of het compartiment van het reservoir volledig te vullen in verband met de vorm of de constructie daarvan, moet deze gereduceerde inhoud worden gebruikt voor de bepaling van de vullingsgraad en de kenmerking van de tank;

ISO(-norm):
door de Internationale Organisatie voor Standaardisatie (ISO, 1 Rue de Varembé, CH-1204 Genève 20) gepubliceerde internationale norm;


J

Jerrycan:
een verpakking van metaal of kunststof met een rechthoekige of veelhoekige doorsnede, voorzien van één of meer openingen;


K

Kartonnen IBC:
een IBC bestaande uit een verpakkingslichaam van karton met of zonder gescheiden deksel of bodem, zo nodig voorzien van een binnenzak (maar geen binnenverpakkingen), alsmede uit de bijbehorende bedrijfsuitrusting en constructieve uitrusting;

Kist (doos):
een verpakking met rechthoekige of veelhoekige dichte wanden, van metaal, hout, gelamineerd hout, houtvezelmateriaal, karton, kunststof of van een ander geschikt materiaal. Teneinde de behandeling of het openen te vergemakkelijken, of om te voldoen aan de classificatiecriteria mogen kleine openingen zijn aangebracht, voor zover de ongeschonden staat van de verpakking gedurende het vervoer hierdoor niet wordt aangetast;

Kleine container:
zie Container;

Korf:
een buitenverpakking met een opengewerkt oppervlak;

Kritieke temperatuur:
de temperatuur waarbij noodmaatregelen in werking moeten treden, indien de temperatuur niet meer beheerst wordt;

Kritische temperatuur:
de temperatuur waarboven de stof niet in vloeibare toestand kan bestaan;

Kunststof weefsel (voor flexibele IBC's):
materiaal, vervaardigd van verstrekte banden of enkelvoudige filamenten van een geschikte kunststof;

Kwaliteitsborging:
een systematisch controle- en inspectieprogramma, dat door iedere betrokken organisatie of instantie toegepast wordt met het doel te garanderen dat de in het ADR voorgeschreven veiligheidsvoorschriften in de praktijk in acht worden genomen;


L

Laadeenheid (“cargo transport unit”):
een voertuig, een wagen, een container, een tankcontainer, een transporttank of een MEGC;

Laden:
alle door de belader verrichte handelingen die onder de definitie van “belader” vallen;

Levensduur:
voor flessen en grote cilinders van samengestelde constructie: het toegestane aantal gebruiksjaren van een fles of grote cilinder;

Lichte metalen verpakking:
een verpakking met cirkelvormige, elliptische, rechthoekige of veelhoekige doorsnede (ook kegelvormig), alsmede een verpakking met een kegelvormig bovenstuk of in de vorm van een emmer, vervaardigd van metaal met een wanddikte van minder dan 0,5 mm (bijv. blik), met platte of gewelfde bodem, en voorzien van één of meer openingen en niet vallend onder de definities voor vaten en jerrycans;

Lid van de bemanning van het voertuig:
de bestuurder of elke andere persoon die de bestuurder begeleidt om redenen van veiligheid, beveiliging, opleiding of exploitatie;

LNG:
zie Vloeibaar gemaakt aardgas;

Losdruk:
de hoogste effectieve druk, die tijdens het lossen onder druk in de tank ontwikkeld wordt; [Zie ook Beproevingsdruk, Berekeningsdruk, Hoogste bedrijfsdruk (overdruk) en Vuldruk.]

Los gestort vervoer:
zie Vervoer als los gestort goed;

Lossen:
alle door de losser verrichte handelingen die onder de definitie van “losser” vallen;

Losser:
elke onderneming die:

  1. een container, bulkcontainer, MEGC, tankcontainer of transporttank van een voertuig afneemt; of
  2. verpakte gevaarlijke stoffen, kleine containers of transporttanks uit een voertuig of een container laadt; of
  3. gevaarlijke stoffen lost uit een tank (tankwagen, afneembare tank, transporttank of tankcontainer) of uit een batterijwagen, MEMU of MEGC of uit een voertuig, grote container of kleine container voor vervoer als los gestort goed of uit een bulkcontainer;

LPG:
zie Vloeibaar gemaakt petroleumgas;


M

Massa van een collo:
indien niet anders is bepaald, de bruto massa van het collo. De massa van containers of tanks, die bij het vervoer van goederen worden gebruikt, is niet in de bruto massa begrepen;

MEGC:
zie Gascontainer met verscheidene elementen;

MEMU:
zie Mobiele eenheid voor de fabricage van ontplofbare stoffen of voorwerpen;

Metalen IBC:
een IBC bestaande uit een verpakkingslichaam van metaal, alsmede uit de bijbehorende bedrijfsuitrusting en constructieve uitrusting;

Met dekzeil uitgeruste bulkcontainer:
zie Bulkcontainer

Met dekzeil uitgeruste container:
zie Container;

Mobiele eenheid voor de fabricage van ontplofbare stoffen of voorwerpen (MEMU, Mobile Explosives Manufacturing Unit):
een eenheid, of een voertuig waarop een eenheid is gemonteerd, voor de fabricage en het aanbrengen van ladingen ontplofbare stoffen of voorwerpen, uitgaande van gevaarlijke goederen die zelf geen ontplofbare stoffen of voorwerpen zijn. De eenheid bestaat uit verschillende tanks en bulkcontainers, de uitrusting voor het proces, alsmede pompen en aanverwante apparatuur. De MEMU kan zijn uitgerust met speciale compartimenten voor verpakte ontplofbare stoffen of voorwerpen;

Opmerking: Alhoewel de definitie van MEMU de uitdrukking "fabricage en het aanbrengen van ladingen ontplofbare stoffen of voorwerpen" omvat, hebben de voorschriften voor MEMU's alleen betrekking op het vervoer en niet op de fabricage en het aanbrengen van ladingen ontplofbare stoffen of voorwerpen.

Motor met brandstofcel:
een inrichting die wordt gebruikt om materieel aan te drijven en die bestaat uit een brandstofcel en de bijbehorende brandstoftoevoer, ofwel een onderdeel van dan wel gescheiden van de brandstofcel, en die alle toebehoren omvat om te voldoen aan het functioneren ervan


N

N.e.g.-positie (niet elders genoemd positie):
een verzamelaanduiding, waaronder stoffen, mengsels, oplossingen of voorwerpen kunnen worden ingedeeld, die

  1. in hoofdstuk 3.2, Tabel A niet met name zijn genoemd, en
  2. chemische, fysische en/of gevaarseigenschappen bezitten, die overeenkomen met de klasse, de classificatiecode, de verpakkingsgroep en de benaming van de n.e.g.-positie;

Netto massa ontplofbare stof:
de totale massa van de ontplofbare stoffen, zonder de verpakkingen, kisten, enz. (Netto hoeveelheid ontplofbare stof, netto inhoud ontplofbare stof, netto gewicht ontplofbare stof en netto massa van ontplofbare inhoud worden vaak in dezelfde betekenis gebruikt.);

Neutronenstralingdectector:
een inrichting waarmee neutronenstraling kan worden gedetecteerd. In een dergelijke inrichting kan een gas worden verzameld in een luchtdicht afgesloten buis waarin neutronenstraling wordt omgezet in een meetbaar elektrisch signaal;


O

Offshore-bulkcontainer:
een container voor los gestorte goederen, die speciaal voor het herhaaldelijk gebruik voor het vervoer van gevaarlijke goederen van, naar en tussen buitengaatse (offshore-) inrichtingen is ontworpen. Een offshore-bulkcontainer wordt overeenkomstig de Richtlijnen voor de toelating van op open zee ingezette offshorecontainers, die door de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) in document MSC/Circ. 860 vastgelegd zijn, geconstrueerd en gebouwd;

Omgebouwde IBC:
een metalen IBC, een IBC van stijve kunststof of combinatie-IBC die,

  1. als een UN-verpakkingstype wordt vervaardigd uit een niet-UN-verpakkingstype; of
  2. wordt omgebouwd van een UN-ontwerptype naar een ander UN-ontwerptype.

Omgebouwde IBC's zijn onderworpen aan dezelfde voorschriften van het ADR als die welke van toepassing zijn op nieuwe IBC's van hetzelfde type (zie ook de definitie van ontwerptype in 6.5.6.1.1);

Omgebouwde grote verpakking:
een grote verpakking van metaal of stijve kunststof die:

  1. uitgaande van een niet-UN-type wordt vervaardigd als een UN-type, of:
  2. omgebouwd wordt van een UN-ontwerptype in een ander UN-ontwerptype.Omgebouwde grote verpakkingen zijn

onderworpen aan dezelfde voorschriften van het ADR, die van toepassing zijn op nieuwe grote verpakkingen van hetzelfde type (zie ook de definitie van ontwerptype in 6.6.5.1.2);

Omgebouwde verpakking:
een verpakking, in het bijzonder

  1. een metalen vat:
    1. dat, uitgaand van een type dat niet voldoet aan de voorschriften van hoofdstuk 6.1, als gevolg van het productieproces overgaat in een UN-verpakkingstype, dat aan deze voorschriften voldoet;
    2. dat door de transformatie van een UN-verpakkingstype, dat aan de voorschriften van hoofdstuk 6.1 voldoet, overgaat in een ander type dat aan deze voorschriften voldoet; of
    3. waarbij vast bevestigde onderdelen van de constructie (zoals niet-afneembare deksels) worden verwisseld;
  2. een kunststof vat:
    1. dat door de transformatie van een UN-verpakkingstype overgaat in een ander UN-verpakkingstype (bijv. 1H1 in 1H2), of
    2. waarbij vast bevestigde onderdelen van de constructie worden verwisseld.

Omgebouwde vaten zijn onderworpen aan de voorschriften van hoofdstuk 6.1, die gelden voor nieuwe vaten van hetzelfde type;

Onderneming:
elke natuurlijke persoon, elke rechtspersoon met of zonder winstoogmerk, elke vereniging of groep van personen zonder rechtspersoonlijkheid en met of zonder winstoogmerk, alsmede elk onder de overheid ressorterend lichaam, ongeacht of het een eigen rechtspersoon-lijkheid bezit of afhankelijk is van een autoriteit met rechtspersoonlijkheid;

Onderzoeksinstantie (keuringsinstelling):
een door de bevoegde autoriteit erkende onafhankelijke instantie voor onderzoek en beproeving;

Ontwerp (model):
voor het vervoer van radioactieve stoffen: de beschrijving van onder 2.2.7.2.3.5 (f) vrijgestelde splijtbare stoffen, radioactieve stoffen in speciale toestand, of van gering verspreidbare radioactieve stoffen, van een collo of een verpakking, die een duidelijke identificatie daarvan mogelijk maakt. De beschrijving kan bestaan uit specificaties, constructietekeningen, rapporten waaruit blijkt dat voldaan is aan de wettelijke voorschriften, alsmede andere ter zake doende documenten;

Ontwerplevensduur:
voor flessen en grote cilinders van samengestelde constructie: de maximale levensduur (in jaren) waarvoor de fles of grote cilinder overeenkomstig de toepasselijke norm is ontworpen en goedgekeurd;

Open container:
zie Container;

Open cryo-houder:
een verplaatsbare thermisch geïsoleerde houder voor sterk gekoelde vloeibaar gemaakte gassen, die op atmosferische drukt wordt gehouden door het doorlopend afblazen van het sterk gekoelde vloeibaar gemaakte gas;

Opslagsysteem met metaalhydride:
een enkelvoudig volledig opslagsysteem voor waterstof, met inbegrip van een houder, metaalhydride, drukontlastingsinrichting, afsluiter, bedieningsuitrusting en inwendige bestanddelen, alleen gebruikt voor het vervoer van waterstof;

Opsluitingssysteem:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: het samenstel van splijtbare stoffen en onderdelen van de verpakking volgens de specificatie van de ontwerper, goedgekeurd door de bevoegde autoriteit, met het doel de criticaliteitsveiligheid te waarborgen;

Omspoten fles:
een fles met een waterinhoud van ten hoogste 13 liter bestemd voor het vervoer van LPG, die vervaardigd is van een met coating voorziene gelaste stalen binnenfles met een omspoten beschermingshouder vervaardigd van niet-verwijderbare kunststof met celstructuur die op het buitenoppervlak van de stalen fleswand is aangebracht.

Oververpakking:
een omhulling die gebruikt wordt (door één enkele afzender in het geval van radioactieve stoffen) met het doel om één of meer colli te bevatten en een eenheid te vormen die tijdens het vervoer gemakkelijker kan worden behandeld en gestuwd;
Voorbeelden van oververpakkingen zijn:
a) een laadplateau, zoals een pallet waarop meerdere colli worden geplaatst of gestapeld en die door banden van kunststof, krimp- of rekfolie of andere geschikte middelen worden vastgezet, of
b) een beschermende buitenverpakking zoals een kist of een krat;


P

“Portable tank”:
zie Transporttank;


R

Radioactieve inhoud:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: de radioactieve stoffen tezamen met alle besmette of geactiveerde vaste stoffen, vloeistoffen en gassen in de verpakking;

Referentiestaal:
staal met een treksterkte van 370 N/mm2 en een rek bij breuk van 27 %;

Reservoir (voor tanks):
het deel van de tank dat de te vervoeren stof bevat, met inbegrip van de openingen en hun afsluitingen, maar zonder de bedrijfsuitrusting of uitwendige constructieve uitrusting;
Opmerking: Voor transporttanks zie hoofdstuk 6.7.

RID:
het Reglement betreffende het internationale spoorwegvervoer van gevaarlijke goederen, Aanhangsel C bij de COTIF (Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer);

Routineonderhoud van flexibele IBC’s:
het routinematig uitvoeren van werkzaamheden aan flexibele IBC’s van kunststof of textiel, zoals:

  1. reiniging, of
  2. vervanging van niet-geïntegreerde bestanddelen, zoals niet- geïntegreerde binnenzakken (“liners”) en sluitverbindingen, door bestanddelen die voldoen aan de oorspronkelijke specificaties van de fabrikant,

onder voorwaarde dat deze werkzaamheden de omsluitingfunctie van de flexibele IBC’s niet nadelig beïnvloeden en het ontwerptype niet veranderen;

Routineonderhoud van stijve IBC's:
het routinematig uitvoeren van werkzaamheden aan metalen IBC's, IBC's van stijve kunststof of combinatie-IBC's zoals:

  1. reiniging;
  2. verwijdering en herinstallatie of vervanging van sluitingen van verpakkingslichamen (met inbegrip van bijbehorende pakkingen), of van bedrijfsuitrusting, volgens de specificaties van de oorspronkelijke fabrikant, onder voorwaarde dat het dicht zijn van de IBC gecontroleerd wordt; of
  3. herstel van constructieve uitrusting die niet rechtstreeks verband houdt met het omsluiten van gevaarlijke goederen of het handhaven van de losdruk, zodat aan het beproefde ontwerptype voldaan wordt (bijv. het richten van staanders of hijsinrichtingen) onder voorwaarde dat de omsluitingsfunctie van de IBC niet aangetast wordt;

S

SADT (“self-accelerating decomposition temperature”):
de laagste temperatuur, waarbij een zichzelf versnellende ontleding kan optreden van een stof, in de verpakking zoals gebruikt tijdens het vervoer. De voorschriften voor de bepaling van de SADT en van de effecten bij verwarming onder opsluiting, zijn opgenomen in het Handboek beproevingen en criteria, deel II;

Samengeperst aardgas (Compressed Natural Gas - CNG):
een samengeperst gas bestaande uit aardgas met een hoog methaangehalte, ingedeeld onder UN-nr. 1971;

Samengestelde verpakking:
een samenstel van verpakkingen, ten behoeve van vervoersdoeleinden, bestaande uit één of meer binnenverpakkingen, die volgens 4.1.1.5 in een buitenverpakking zijn geplaatst;

SAPT: (“self-accelerating polymerization temperature”):
de laagste temperatuur waarbij polymerisatie kan optreden van een stof in de verpakking, IBC of tank zoals ten vervoer is aangeboden. De SAPT wordt vastgesteld overeenkomstig de beproevingsprocedures die is ingesteld voor de SADT van zelfontledende stoffen overeenkomstig het Handboek beproevingen en criteria, deel II, sectie 28;

Opmerking: De term "binnenverpakking" voor samengestelde verpakkingen moet niet worden verward met de term "binnenhouder" voor combinatieverpakkingen.

Sluiting:
een voorziening die ertoe dient de opening van een houder te sluiten;

Spoel (klasse 1):
een inrichting van kunststof, hout, karton, metaal of van een ander geschikt materiaal die bestaat uit een centrale spindel en eventuele zijwanden aan elk uiteinde van de spindel. De voorwerpen en de stoffen moeten kunnen worden opgerold op de spindel en in voorkomend geval vastgehouden worden door de zijwanden;

Spuitbus (aërosol):
Een voorwerp bestaand uit elke niet hervulbare houder van metaal, glas of kunststof, die aan de voorschriften van 6.2.6 voldoet, die een samengeperst, vloeibaar gemaakt of onder druk opgelost gas, al dan niet met een vloeibare, pasteuze of poedervormige stof bevat, en voorzien van een aftapinrichting, die het mogelijk maakt dat de inhoud wordt uitgestoten in de vorm van een suspensie van vaste of vloeibare deeltjes in een gas, in de vorm van schuim, pasta of poeder, of in vloeibare of gasvormige toestand;

Stijve binnenhouder (voor combinatie-IBC's):
een houder die zijn normale vorm in lege toestand behoudt zonder dat de sluitingen zich op de juiste plaats bevinden en zonder steun van de uitwendige omhulling. Binnenhouders die niet "stijf" zijn, worden als “flexibel” beschouwd;

Stofdichte verpakking:
een verpakking die geen droge inhoud doorlaat, met inbegrip van poedervormige vaste stoffen die tijdens het vervoer zijn ontstaan;

Stralingsdetectiesysteem:
een inrichting waarvan de onderdelen onder meer bestaan uit stralingsdetectoren;

Stralingsniveau:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: het overeenkomstige dosisequivalenttempo, uitgedrukt in millisievert per uur of microsievert per uur;


T

Tank:
een reservoir met inbegrip van de bedrijfsuitrusting en de constructieve uitrusting. Indien deze term zonder nadere aanduiding wordt gebruikt omvat deze tankcontainers, transporttanks, afneembare tanks en vaste tanks, zoals gedefinieerd in deze sectie, alsmede tanks als elementen van batterijwagens of van MEGC’s; (Zie ook Afneembare tank, Gascontainer met verscheidene elementen, Transporttank en Vaste tank.)

Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Tankcontainer:
een hulpmiddel bij het vervoer, dat voldoet aan de definitie van container en dat bestaat uit een reservoir en uitrustingsdelen, daaronder begrepen de uitrustingsdelen die verplaatsing van de tankcontainer mogelijk maken zonder een aanmerkelijke wijziging te brengen in de ligging van de tankcontainer in de evenwichtstoestand en dat gebruikt wordt voor het vervoer van gassen, vloeibare, poedervormige of korrelvormige stoffen, en met een inhoud groter dan 0,45 m3 (450 liter) indien deze voor het vervoer van gassen zoals gedefinieerd in 2.2.2.1.1 wordt gebruikt;
Opmerking: IBC’s, die voldoen aan de voorschriften van hoofdstuk 6.5, worden niet beschouwd als tankcontainers.

Tankdossier:
een dossier dat alle belangrijke technische informatie van een tank, batterijwagen of MEGC omvat, zoals de certificaten, genoemd in 6.8.2.3, 6.8.2.4 en 6.8.3.4;

Tankwagen: een voertuig, gebouwd om vloeistoffen, gassen, poedervormige of korrelvormige stoffen te vervoeren en uitgerust met één of meer vaste tanks. Behalve het voertuig zelf of in plaats daarvan het onderstel, bestaat een tankwagen uit één of meer reservoirs, de uitrustingsdelen en de delen ter bevestiging van de reservoirs aan het voertuig of het onderstel;

Technische benaming:
een erkende chemische benaming, indien toepasselijk een erkende biologische benaming, of andere benaming die gewoonlijk in wetenschappelijke en technische handboeken, tijdschriften en artikelen gebruikt wordt (zie 3.1.2.8.1.1);

Technische instructies van de ICAO:
de “Technical Instructions for the Safe Transport of Dangerous Goods by Air”, ter aanvulling van Aanhangsel 18 bij het Verdrag van Chicago voor het internationale burgerluchtvaartverkeer (Chicago, 1944), uitgegeven door de Internationale Organisatie voor de Burgerluchtvaart (ICAO), Montreal;

Transportindex (TI):
toegekend aan een collo, oververpakking of container, dan wel aan een onverpakte LSA-I stof of SCO-I, voor het vervoer van radioactieve stoffen: een getal dat wordt gebruikt om controle te verschaffen over de blootstelling aan straling;

Transporteenheid: een motorvoertuig, waaraan geen aanhangwagen of oplegger is gekoppeld, en elk geheel, bestaande uit een motorvoertuig en de aanhangwagen of de oplegger, die daaraan is gekoppeld;

Transporttank:
een multimodale tank die, indien deze voor het vervoer van gassen zoals gedefinieerd in 2.2.2.1.1 wordt gebruikt, een inhoud van meer dan 450 liter heeft, en die overeenkomt met de definitie in hoofdstuk 6.7 of in de IMDG Code en die in hoofdstuk 3.2, tabel A, kolom (10), met een transporttank-instructie (T-code) is aangeduid;

Tray (klasse 1):
een schaal van metaal, kunststof, karton of ander geschikt materiaal, geplaatst in de binnen-, tussen- of buitenverpakkingen en die een compacte stuwage in deze verpakkingen mogelijk maakt. Het oppervlak van de trays mag zodanig zijn gevormd, dat de verpakkingen of de voorwerpen daarin ingezet, veilig vastgehouden en onderling gescheiden kunnen worden;

Tussenverpakking:
een verpakking die zich bevindt tussen binnenverpakkingen of voorwerpen en een buitenverpakking;


U

UIC:
Union Internationale des Chemins de Fer (Internationale Spoorweg Unie) (UIC, 16 rue Jean Rey, F-75015 Paris, Frankrijk);

UNECE:
United Nations Economic Commission for Europe (Economische Commissie voor Europa van de Verenigde Naties) (UNECE, Palais des Nations, 8-14 avenue de la Paix, CH-1211 Genève, Zwitserland);

UN-nummer:
vier-cijferig nummer, bedoeld als identificatienummer van stoffen of voorwerpen overeenkomstig de VN-modelbepalingen;


V

Vacuümklep:
een door druk automatisch werkende veerbelaste inrichting ter bescherming van de tank tegen een ontoelaatbare inwendige onderdruk;

Vaste stof:

  1. een stof met een smeltpunt of een beginsmeltpunt hoger dan 20 oC bij een druk van 101,3 kPa, of
  2. een stof die volgens de beproevingsmethode ASTM D 4359-90 niet vloeibaar is en die volgens de criteria van de in 2.3.4 beschreven beproevingsmethode voor de bepaling van het vloeigedrag (penetrometermethode) dikvloeibaar is;

Vaste tank:
een tank met een capaciteit groter dan 1000 liter, die blijvend gemonteerd is op een voertuig (dat aldus een tankwagen wordt) of die een integraal deel van het chassis van een dergelijk voertuig uitmaakt;

Vat:
een cilindrische verpakking van metaal, karton, kunststof, gelamineerd hout of van een ander geschikt materiaal, met platte of gewelfde bodem. Onder deze definitie vallen ook verpakkingen met een andere vorm, bijv. ronde verpakkingen met een kegelvormig bovenstuk of verpakkingen in de vorm van een emmer. Houten tonnen en jerrycans vallen niet onder deze definitie;

Veiligheidsklep:
een door druk automatisch werkende veerbelaste inrichting ter bescherming van de tank tegen een ontoelaatbare inwendige overdruk;

Verblijftijd:
de tijd die verstrijkt tussen het starten van het vullen en het moment dat de druk in de tank als gevolg van opwarming is gestegen tot de laagste openingsdruk van de drukbegrenzer(s) van tanks die voor het vervoer van sterk gekoelde vloeibaar gemaakte gassen zijn bestemd;

Verpakker:
de onderneming die de gevaarlijke goederen in verpakkingen, met inbegrip van grote verpakkingen en IBC’s, doet en zo nodig de colli voor het vervoer voorbereidt;

Opmerking: Voor transporttanks, zie 6.7.4.1.

Verpakking:
één of meer houders en alle andere bestanddelen of materialen die nodig zijn om het mogelijk te maken dat de houder zijn functie van omsluiting en andere veiligheidsfuncties vervult.

(Zie ook Bergingsverpakking, Binnenverpakking, Buitenverpakking, Combinatieverpakking, Gereconditioneerde verpakking, Grote verpakking, IBC, Hergebruikte verpakking, Lichte metalen verpakking, Omgebouwde verpakking, Samengestelde verpakking, Stofdichte verpakking en Tussenverpakking.)

Verpakkingsgroep:
een groep, waarin bepaalde stoffen op grond van hun gevaarlijkheid tijdens het vervoer zijn ingedeeld voor verpakkingsdoeleinden.
De verpakkingsgroepen hebben de volgende betekenis, die in Deel 2 nader wordt verklaard:

  • verpakkingsgroep I: zeer gevaarlijke stoffen
  • verpakkingsgroep II: gevaarlijke stoffen
  • verpakkingsgroep III: minder gevaarlijke stoffen;

Opmerking: Bepaalde voorwerpen, die gevaarlijke stoffen bevatten, zijn ook in een verpakkingsgroep ingedeeld.

Verpakkingslichaam:
(voor alle categorieën IBC’s met uitzondering van combinatie-IBC's) 
de eigenlijke houder met inbegrip van de openingen en hun sluitingen, echter zonder de bedrijfsuitrusting;

Vervoer:
de verplaatsing van gevaarlijke goederen, met inbegrip van voor het vervoer noodzakelijk oponthoud en met inbegrip van voor het verkeer noodzakelijk verblijf van gevaarlijke goederen in de voertuigen, tanks en in de containers vóór, tijdens en na de verplaatsing.

Onder deze definitie valt ook de tijdelijke tussenopslag van gevaarlijke goederen voor de verandering van wijze van vervoer of vervoermiddel (overslag). Dit is van toepassing onder voorwaarde dat de vervoersdocumenten, waaruit de plaats van verzending en bestemming blijken, op verzoek kunnen worden getoond en dat de colli en de tanks gedurende de tussenopslag niet worden geopend, behalve voor controles door de bevoegde autoriteit;

Vervoer als los gestort goed:
vervoer van onverpakte vaste stoffen of voorwerpen in voertuigen, containers of bulkcontainers; deze definitie geldt niet voor goederen die als colli worden vervoerd, en evenmin voor stoffen die in tanks worden vervoerd;

Vervoerder:
de onderneming die het vervoer met of zonder vervoersovereenkomst uitvoert;

Vervoermiddel:
een voertuig of wagen voor vervoer over de weg of per spoor;

Verwarmingstoestel:
een apparaat dat rechtstreeks gebruik maakt van een vloeibare of gasvormige brandstof, en niet van de restwarmte van de motor die wordt gebruikt voor de aandrijving van het voertuig;

Verzamelaanduiding:
een gedefinieerde groep van stoffen of voorwerpen (zie 2.1.1.2, letters B, C en D);

Vlampunt:
de laagste temperatuur van een vloeistof, waarbij de damp daarvan met lucht een ontvlambaar mengsel vormt;

Vloeibaar gemaakt aardgas (Liquefied Natural Gas - LNG):
sterk gekoeld vloeibaar gemaakt gas met een hoog gehalte aan methaan ingedeeld onder UN-nr. 1972;

Vloeibaar gemaakt petroleumgas (LPG):
een onder lage druk vloeibaar gemaakt gas bestaande uit een of meer lichte koolwaterstoffen die uitsluitend onder UN-nummer 1011, 1075, 1965, 1969 of 1978 zijn ingedeeld en dat hoofdzakelijk propaan, propeen, butaan, butaanisomeren en buteen met sporen van andere koolwaterstofgassen bevat;

Opmerking 1: Brandbare gassen die onder andere UN-nummers zijn ingedeeld worden niet als LPG beschouwd.

Opmerking 2: Zie voor UN-nummer 1075 Opmerking 2 onder 2F, UN-nummer 1965, in de tabel voor vloeibaar gemaakte gassen van 2.2.2.3.

Vloeistof:
een stof die bij 50 °C een dampdruk heeft van ten hoogste 300 kPa (3 bar), en bij 20 oC en een druk van 101,3 kPa niet volledig gasvormig is, en die

  1. bij een druk van 101,3 kPa een smeltpunt of beginsmeltpunt heeft van 20 oC of lager, of
  2. die volgens de beproevingsmethode ASTM D 4359-90 vloeibaar is, of
  3. volgens de criteria van de in 2.3.4 beschreven beproevingsmethode voor de bepaling van het vloeigedrag (penetrometermethode) niet dikvloeibaar is.

Opmerking: Als vervoer in vloeibare toestand, in de zin van de tankvoorschriften, wordt beschouwd:

  • vervoer van vloeistoffen volgens bovenstaande definitie, of
  • vervoer van vaste stoffen die in gesmolten toestand ten vervoer worden aangeboden;

VN-modelbepalingen:
de “Model Regulations”, opgenomen als bijlage bij de twintigste herziene editie van de “Recommendations on the Transport of Dangerous Goods”, gepubliceerd door de Verenigde Naties (ST/ SG/AC.10/1/Rev.20);

VN-nummer:
zie UN-nummer;

VN-Reglement:
een reglement als bijlage bij de Overeenkomst betreffende het aannemen van eenvormige technische voorschriften die van toepassing zijn op voertuigen op wielen, uitrustingsstukken en onderdelen die in een voertuig op wielen kunnen worden gemonteerd of gebruikt en de voorwaarden voor wederzijdse erkenning van overeenkomstig deze voorschriften verleende goedkeuringen (Overeenkomst van 1958, zoals gewijzigd);

Voertuig:
zie Batterijwagen, Voertuig (gesloten), Voertuig (met dekzeil uitgerust), Voertuig (open) en Tankwagen;

Voertuig (gesloten):
een voertuig, waarvan de carrosserie een afsluitbare laadruimte omvat;

Voertuig (met dekzeil uitgerust):
een open voertuig die ter bescherming van de lading met een dekzeil is uitgerust;

Voertuig (open):
een voertuig, waarvan de laadbak geen opbouw heeft of slechts is voorzien van schotten aan de zijkanten en de achterkant;

Voorziening voor de behandeling (voor flexibele IBC’s):
draagbanden, lussen, ogen of raamwerken die aan het verpakkingslichaam van de IBC zijn bevestigd, of die zijn gevormd uit een verlenging van het materiaal waarvan het verpakkingslichaam is vervaardigd;

Vuldruk:
de hoogste effectieve druk die tijdens het vullen onder druk in de tank ontwikkeld wordt;
[Zie ook Beproevingsdruk, Berekeningsdruk, Hoogste bedrijfsdruk (overdruk) en Losdruk).]

Vuller:
de onderneming die gevaarlijke goederen laadt in een tank (tankwagen, afneembare tank, transporttank of tankcontainer), in een batterijwagen of MEGC en/of los gestort in een voertuig, grote container of kleine container;

Vullingsgraad:
de verhouding van de massa van het gas tot de massa van water bij 15 °C die een complete, voor gebruik gereed zijnde drukhouder volledig zou vullen;


W

Waardoor of waarheen:
voor het vervoer van radioactieve stoffen: door of naar de landen waarheen de zending wordt vervoerd, maar sluit in het bijzonder de landen uit “waar overheen” de zending in een luchtvaartuig wordt vervoerd, onder voorwaarde dat er geen tussenlandingen in deze landen zijn gepland;

Wagenlading:
een lading afkomstig van één afzender, waarvoor het gebruik van een voertuig of een grote container exclusief is gereserveerd, waarbij het laden en lossen geheel geschiedt op aanwijzing van deze afzender of op die van de geadresseerde;

Opmerking: De overeenkomstige term voor radioactieve stoffen is “exclusief gebruik”.

Wissellaadbak:
zie Container;

Wissellaadtank:
wordt beschouwd als een tankcontainer;


Z

Zacht staal:
staal met een minimum treksterkte tussen 360 N/mm2 en 440 N/mm2;

Opmerking: Voor transporttanks, zie hoofdstuk 6.7.

Zak:
een flexibele verpakking van papier, kunststof folie, textiel, geweven materiaal of van een ander geschikt materiaal;

Zending:
een collo of meerdere colli of een lading gevaarlijke goederen, dat/die door een afzender ten vervoer wordt aangeboden.

 


1.2.2

Meeteenheden

 

1.2.2.1

In het ADR zijn de volgende meeteenheden a van toepassing:

GROOTHEID

SI-EENHEID b

ALTERNATIEF TOEGELATEN
EENHEID

BETREKKING TUSSEN DE
EENHEDEN

Lengte Oppervlak

m (meter)
m2 (vierkante meter)

-

-

-

-

Inhoud, volume

m3 (kubieke meter)

l (liter) c

1 l = 10-3 m3

Tijd

s (seconde)

min (minuut)
h (uur)
d (dag)

1 min = 60 s
1 h = 3600 s
1 d = 86400 s

Massa

kg (kilogram)

g (gram)
t (ton)

1 g = 10-3kg
1 t = 103 kg

Volumieke massa (dichtheid)
Temperatuur
Temperatuursverschil
Kracht
Druk, spanning

kg/m3
K (kelvin)
K (kelvin)
N (newton)
Pa (pascal)

kg/l
° C (graad Celsius)
° C (graad Celsius)
-
bar (bar)

1kg/l = 103 kg/m3
0 °C = 273,15 K
1 °C = 1 K
1 N = 1 kg.m/s2
1 Pa = 1 N/m2
1 bar = 105 Pa

Mechanische spanning
Arbeid
Energie

N/m2

J (joule)

N/mm2
kWh (kilowatt uur)

1 N/mm2 = 1 MPa
1 kWh = 3,6 MJ
1 J = 1 N.m = 1 W.s

Hoeveelheid warmte
vermogen
Kinematische viscositeit
Dynamische viscositeit
Activiteit
Dosisequivalent

W (watt)

m2 /s
Pa.s
Bq (becquerel)
Sv (sievert)

eV (elektronvolt)
-
mm2/s
mPa.s

1 eV = 0,1602.10-18 J
1 W = 1 J/s = 1 N.m/s
1 mm2/s = 10-6 m2/s
1 mPa.s = 10-3 Pa.s

a Voor de omrekening van de tot nog toe gebruikte eenheden in SI-eenheden zijn de volgende afgeronde waarden van toepassing:

Kracht
1 kg = 9,807 N
1 N = 0,102 kg

Mechanische spanning
1 kg/mm2 = 9,807 N/mm2
1 N/mm2 = 0,102 kg/mm2

Druk
1 Pa = 1 N/m2 = 10-5 bar = 1,02 x10-5 kg/cm2 = 0,75x10-2 mm Hg
1 bar = 105 Pa = 1,02 kg/cm2 = 750 mm Hg
1 kg/cm2 = 9,807x104 Pa = 0,9807 bar = 736 mm Hg
1 mm Hg = 1,33x102 Pa = 1,33x10-3 bar = 1,36x10-3 kg/cm2

Arbeid, energie, hoeveelheid warmte
1 J = 1 Nm = 0,278x10-6 kWh = 0,102 kg.m = 0,239x10-3 kcal
1 kWh = 3,6x106 J = 367x103 kgm = 860 kcal
1 kg.m = 9,807 J = 2,72x10-6 kWh = 2,34x10-3 kcal
1 kcal = 4,19x103 J = 1,16x10-3 kWh = 427 kgm

Vermogen
1 W = 0,102 kgm/s = 0,86 kcal/h
1 kg.m/s = 9,807 W = 8,43 kcal/h
1 kcal/h = 1,16 W = 0,119 kg.m/s

Kinematische viscositeit
1 m2/s = 104 St (stokes)
1 St = 10-4 m2/s

Dynamische viscositeit
1 Pa.s = 1 Ns/m2 = 10 P (poise) = 0,102 kg.s/m2
1 P = 0,1 Pa.s = 0,1 N.s/m2 = 1,02x10-2 kg.s/m2
1 kg.s/m2 = 9,807 Pa.s = 9,807 N.s/m2 = 98,07

b Het Internationale Stelsel van Eenheden (SI) komt voort uit de beslissingen van de Conférence Générale des Poids et Mesures (algemene vergadering voor gewichten en maten) (adres: Pavillon de Breteuil, Parc de St. Cloud, F-92 310 Sèvres).
c Het symbool 'L' voor liter is ook toegestaan in plaats van het symbool 'l', indien gebruik gemaakt wordt van een schrijfmachine, die geen onderscheid kan maken tussen de letter “I” en het cijfer “1”.

De decimale veelvouden van een eenheid kunnen worden gevormd met behulp van de volgende voorvoegsels of symbolen, die vóór de naam of vóór het symbool van de eenheid worden geplaatst:

FACTOR

 

VOORVOEGSEL

SYMBOOL

       

1000 000 000 000 000 000= 1018

triljoen

exa

E

1000 000 000 000 000= 1015

biljard

peta

P

1000 000 000 000= 1012

biljoen

tera

T

1000 000 000= 109

miljard

giga

G

1000 000= 106

miljoen

mega

M

1000= 103

duizend

kilo

k

100 = 102

honderd

hecto

h

10 = 101

tien

deca

da

0,1= 10-1

tiende

deci

d

0,01= 10-2

honderdste

centi

c

0,001= 10-3

duizendste

milli

m

0,000 001= 10-6

miljoenste

micro

µ

0,000 000 001= 10-9

miljardste

nano

n

0,000 000 000 001= 10-12

biljoenste

pico

p

0,000 000 000 000 001= 10-15

biljardste

femto

f

0,000 000 000 000 000 001=10-18

triljoenste

atto

a


1.2.2.2

Tenzij uitdrukkelijk anders is aangegeven, betekent het teken “%” in het ADR:

  1. voor mengsels van vaste stoffen of vloeistoffen, alsmede voor oplossingen of met een vloeistof bevochtigde vaste stoffen: het massa percentage ten opzichte van de totale massa van het mengsel, de oplossing of de bevochtigde stof;
  2. voor mengsels van samengeperste gassen, indien zij onder druk worden gevuld, het volumepercentage ten opzichte van het totale volume van het gasmengsel, of, indien zij op massa worden gevuld, het massapercentage ten opzichte van de totale massa van het mengsel;
  3. voor vloeibaar gemaakte gasmengsels alsmede voor opgeloste gassen: het massapercentage ten opzichte van de totale massa van het mengsel

 

1.2.2.3

Drukken van elke aard in verband met houders (bijvoorbeeld beproevingsdruk, inwendige druk, openingsdruk van veiligheidskleppen) worden steeds aangegeven als manometrische druk (overdruk ten opzichte van de atmosferische druk); de dampdruk daarentegen wordt steeds aangegeven als absolute

 

1.2.2.4

Indien het ADR voor houders een vullingsgraad voorschrijft, dan heeft deze steeds betrekking op een temperatuur van de stoffen van 15 °C, voor zover niet een andere temperatuur is aangegeven

 

GEVSTOF LOGO NEW

OVER   

Over Gevaarlijkestoffen.NET

Telefoon : +31 (0)850 470486

Mobiel : +31 (0)6 46855372
KvK Rotterdam : 24491885

BLIJF OP DE HOOGTE  
En schrijf je in voor onze nieuwsbrief